<< Naar Pagina 10 < Vorig Artikel Volgend Arikel > Print Pagina
Monumenten in rapport vervat
“Dat Bergen geen monumentenbeleid heeft is ongelooflijk!”
BERGEN - De Commissie voor Cultuurhistorische Kwaliteit (CCK) gaf haar fiat aan een rapport waarin 58 panden in de kernen Bergen en Bergen aan Zee worden aangemerkt als potentiŽle gemeentelijke monumenten. Het is een eerste aanzet om voor deze kernen tot een gemeentelijk monumentenbeleid te komen.

Door Emmy Meijering

Fotografie Rodi Media/Bertil van Beek

In opdracht van de gemeente Bergen onderzocht architectuurhistorica Jolien Kalmijn de door CCK genomineerde panden en bracht haar bevindingen samen in het rapport Waardestellingen 58 potentiŽle gemeentelijke monumenten in Bergen NH. “De homogene bouw in Bergen is van kwalitatief hoogwaardige architectuur, dat een harmonieus beeld geeft waar ieder gebouw op zich aan bijdraagt”, concludeerde Kalmijn.

Handvat

“Om de kwaliteit van het dorp te waarborgen is het gewenst naast provinciale en rijksmonumenten ook een gemeentelijke monumentenlijst samen te stellen”, meent Kalmijn en voegde daar aan toe dat - wanneer het om louter een kwalitatieve keuze zou gaan - eigenlijk heel Bergen voor een monumentenstatus in aanmerking komt. De CCK-voorzitter Lambert Quant legde uit dat de commissie een keus gemaakt heeft uit misschien wel duizend panden die daarvoor in aanmerking komen. “Waar het ons vooral om gaat is een handvat te bieden om tot gemeentelijk beleid te komen”, zei hij.

Verdiepen

Kalmijn hanteerde in haar rapport een vijftal criteria die toegespitst zijn op het kunstenaarsdorp Bergen: architectuurhistorische waarde, cultuurhistorische waarde, stedenbouwkundige en situationele waarde, de gaafheid en de zeldzaamheid. De commissie verklaarde zich tevreden over het rapport maar zou de waardebepaling wat meer willen verdiepen. Bijvoorbeeld: het pand van Colnot, een kernschilder van de Bergense School, is door verbouwingen verknald. De vraag is dan, of het daarom ook minder belangrijk is.

Angst

Tijdens haar onderzoek kreeg Kalmijn positieve maar ook negatieve reacties van mensen die een monumentenstatus vrezen. Harry Vleems is een van de Bergenaren die zijn pand aan de Buerweg hoe eerder hoe liever als monument aangemerkt ziet worden. Zijn pand werd in 1920 in opdracht van de kunstschilder Leo Gestel gebouwd onder architectuur van L. Streefkerk. “Ik ben heel gek met dit huis en wil het voor de toekomst behouden zoals het is”, aldus Vleems. “En zo heeft Bergen nog talloze prachtige panden. Dat voor de kern Bergen geen monumentenbeleid is, is ongelooflijk. In de Egmonden hebben ze dat al jaren geleden voor elkaar gemaakt.”

Uitleg

De vrees voor de monumentenstatus begrijpt Vleems wel. “Je hebt niet meer het volledig zeggenschap over je pand. Je mag bijvoorbeeld niet zomaar aan- of verbouwen. Maar er is nog altijd zoiets als goed overleg en daar zijn voorbeelden genoeg van. Ik weet uit ervaring dat de CCK zeer zorgvuldig is in haar afweging tussen behoud van het monument, en het wooncomfort en de belangen van de bewoner. Wat je ook wel hoort is dat mensen denken dat de waarde van het pand omlaag gaat omdat het een monument is. Het tegendeel is waar. In principe stijgt de waarde zelfs omdat dergelijke panden door liefhebbers worden gekocht. Maar uiteindelijk komt het erop neer dat je bewoners van tot monument genomineerde panden heel goed moet uitleggen wat die status inhoudt. En laten we wel wezen: wie goede argumenten heeft kan zich nooit laten dwingen zijn pand tot monument te verklaren.”


Vergroot Foto

Harry Vleems wil zijn huis, dat in 1920 voor Leo Gestel werd gebouwd, liever gisteren dan vandaag tot monument verklaard zien.

<< Naar Pagina 10 < Vorig Artikel Volgend Artikel > Print Pagina